
Pyrénées-Atlantique is een Frans departement en het meest zuidwestelijk deel van Aquitaine. Een belangrijk deel van dit departement bestaat uit het Frans Baskenland. Een minderheid van dit deel van de bevolking spreekt Baskisch.
Het departement werd in 1790 gevormd uitgaande van de provincie Guyenne die bestond uit de gebieden Béarn en Frans Baskenland. Aanvankelijk was de naam Basses-Pyrénées. Op 10 oktober 1969 werd besloten de naam te vervangen door Pyrénées-Atlantique.
Het departement wordt omgeven door de departementen Landes, Gers en Haute- Pyrénées. In het zuiden grenst het aan Spanje. De westkust grenst aan de Atlantische Oceaan.
Pyrénées-Atlantique is onderverdeeld in drie arrondissementen: Bayonnne, Oloron-Sainte-Marie en Pau. Deze laatste stad is de hoofdstad. Deze regio bestaat verder uit 52 kantons waarin 547 zelfstandige gemeenten liggen.
.jpg)
Het parlement van Navarra
In de periode tussen 1950 en 1960 was de regio voor een belangrijk deel afhankelijk van de productie van gas en zwavel. Inmiddels is deze industrie vervangen door andere economische activiteiten. De vliegtuigindustrie is er voor in de plaats gekomen. Olie industrie, Elf Aquitaine, een onderdeel van Total heeft hier zijn plaats gevonden. Ook landbouw en toerisme vormen een belangrijk bron van inkomsten. De stad Pau is na Bordeaux en Toulouse het derde economische en universitaire centrum van het zuiden van Frankrijk.
In het departement zijn twee totaal verschillende gebieden te onderscheiden. Het Baskenland is een prachtig heuvelachtig gebied met glooiingen die zelden hoger zijn dan 500 meter. Het traditionele Baskische kaatsspel wordt hier nog fanatiek beoefend. De huisjes op het platteland zijn nog vaak in rood en wit geschilderd wat het Baskenland zijn aparte couleur-locale geeft.
Aan de kust liggen leuke badplaatsen, Saint-Jean-de Luz en het wereldberoemde Biarritz. Ga een beetje van de kust en u komt in Bayonne, de hoofdstad van Baskenland.

Bayonne aan de Adour
Béarn en haar omgeving is een gebied met veel stromen en riviertjes. Het is een paradijs voor mensen die van de flora en fauna houden. Béarn kan terugvallen op een rijke historie. Gaston III Phoebus en Hendrik IV regeerden over het gebied.
In Orthez en in Pau, de trotse hoofdstad ven het departement zijn nog tal van zaken die herinneren aan deze tijd. Het kasteel van Henry IV is wel de grootste attractie.
Rond het voormalige jachtslot van de graaf van Béarn groeide een dorp en daaruit de stad Pau, die later in 1464 de hoofdstad van Béarn werd.

Kasteel van Pau
Pau is dus de voormalige Koninklijke hoofdstad van Béarn en Navarra inmiddels uitgegroeid tot een stad met meer dan 80.000 inwoners. Wat bijna niemand weet is dat twee Schotse officieren aan de basis van de welvaart en het toerisme hebben gestaan. Zij maakten in februari 1814 deel uit van het regiment van Wellington, dat hier in die tijd was gelegerd. Zij ontdekten de schoonheid van de vallei van Billère. De grond was vruchtbaar, met goed gras begroeit en de rotsachtige ondergrond bleek goed waterdoorlatend. In samenspraak met de lokale bevolking gingen zij daar “ballen slaan”. Dit was de geboorte van de eerste golfbaan in Frankrijk.
In 1834 keerden zij, vergezeld door tal van vrienden, terug. Er werd paard gereden, getennist, men ging jagen en er werd golf gespeeld. Vanwege het klimaat vestigden steeds meer Britten zich in deze streek. Onder hun invloed werd de eerste golfclub op het Europese vasteland in 1856 in Pau gevestigd.

De gebroeders Wright
Ook van sterke invloed op de economie rondom Pau was het feit dat de Amerikaanse gebroeders Wright hun vliegschool van La Mans naar Pau verhuisden. Luchtvaartpioniers als Jan Hilgers, Charles de Lambert en Georges Guynemer leerden hier vliegen. Zij kregen les van Louis Blériot. Vanaf de zomer van 1914 werd Pau het trainingscentrum voor de Franse Luchtmacht in oprichting.
Hieruit voortvloeiend is de luchtvaartindustrie ontstaan.
De stad staat al vanaf de 16de eeuw bekend als tuinstad. In en rond de omgeving bevinden zich 750 ha. Prachtig aangelegde groene parken. Een van de bekendste is het Parc Beaumont. Napoleon gaf de opdracht tot de aanleg van de bijna 2 km. lange Boulevard des Pyrénées. Deze geeft al wandelend een prachtig uitzicht op de Pyreneeën.
Voor de cultuurliefhebbers zijn er een aantal aanraders. Het Musée National du Château de Pau, gewijd aan koning Hendrik IV. Het Musée Nationale des Beaux-Arts du Pau, gebouwd in 1931 is een prachtig voorbeeld van de Art-Déco architectuur. Tenslotte is er nog het Musée Bernadotte dat de nodige eer betoond aan Jean-Baptiste Bernadotte, ooit veldmaarschalk en later koning van Zweden.

de kathedraal van Bayonne
Na Pau is Bayonne met ongeveer 45.000 inwoners de tweede belangrijkste stad van deze regio. Bayonne wordt gezien als de officieuze hoofdstad van Frans Baskenland. In het Baskisch luidt de naam dan ook Baiona.
Deze stad ligt tussen de Côte d’Argent en de Côte des Basques. Op deze plaats ontmoeten de Baskische en de Cascognische volksaard elkaar. In deze levendige havenstad staat het Musée Basque waar men alles kan vinden over de geschiedenis van de Basken. In dit gebouw uit de 17de eeuw ziet u exposities over het leven, de cultuur en het werk van de bewoners van Baskenland. U kunt hier kennis maken met kunst, tradities, klederdracht en feesten.

De Boulevard des Pyrenees
Ruim 400 jaar geleden arriveerde de eerste cacaoboon in de haven van Bayonne. Hierna raakte chocolade populair. In de wijk Saint/Esprit werden tientallen cacaobranderijen opgericht. Het duurde niet lang tot de bonen en de deskundigheid van de chocolademakers de stad een grote reputatie bezorgden. Nu nog telt Bayonne zeven meester chocolatiers die zich hebben verenigd in de Acédemie du Chocolat. Elk jaar in de lente organiseren zij de dagen van de chocolade. Als u in de gelegenheid, een feest om te bezoeken.
Bayonne is de geboorteplaats van René Samuel Cassin, een Frans jurist, hoogleraar en rechter. Hij diende als soldaat in de Eerste Wereldoorlog. Later was hij de oprichter van de Union Féderale op. In 1968 kreeg hij de Nobelprijs voor de Vrede toegekend voor het werk dat hij verricht voor het opstellen van de Universele verklaring van de rechten van de mens.
.jpg)
Rene Samuel Cassin
In het uiterste zuiden van dit departement, aan de Golf van Biscaye ligt Biarritz. Het was een onbetekenend vissersdorpje tot het in 1834 door Victor Hugo werd ontdekt. Biarritz kwam daarna snel in de internationale belangstelling te staan. Zeker nadat Keizerin Eugénie het besluit nam hier haar vakantieoord van te maken na een eerste verblijf van twee maanden. Zij liet er een paleis bouwen, thans nog bekend als het Hôtel de Palais. Dit zorgde er voor een toestroom van Europese adel en gekroonde hoofden. Als snel kreeg het stadje de bijnaam `la reine des plages et la plage des rois`
La Belle Epoque hield aan tot 1914. Veel de statige gebouwen herinneren nog aan deze tijd. Met haar verschillende musea, haar stranden en boulevards is Biarritz nog steeds een toeristische trekpleister.
.jpg)
Hotel de Palais
Bij Oloron-Sainte-Marie komen de bergrivieren Aspe en Ossau samen. Oloron is de hoofdstad van Haut Béarn. Het vormt ook de toegang tot de vallei van de Aspe. In de 11de eeuw groeiden de bisdommen Oloron en Sainte-Marie samen. In 1858 werd de status officieel. De grootste bezienswaardigheid van deze stad is het immense portaal van de Cathédrale Saint-Marie dat op de Werelderfgoedlijst van de Unesco staat. Door haar diepe heeft het portaal nauwelijks te lijden gehad van weersinvloeden. Daardoor is het prachtig bewerkte romaanse portaal het mooiste en bestbewaarde van Béarn.

Portaal van de kathedraal van Sainte-Marie
Voor natuurliefhebbers is de Gorges de Kakaouetta een aanbeveling. Het is een smal ravijn bij Sainte-Engrâce dat in de loop der eeuwen is uitgeslepen. Het is een bijzonder diepe en grillige kloof uit kalksteen met loodrechte wanden die uitkomt in de Grotte du Lac. De afstand tussen de wanden is op sommige plaatsen minder dan drie meter. Als het water niet te hoog staat, kunt u overdag in de kloof wandelen. De wandeling naar de grot, met reusachtige stalagmieten en stalactieten duurt ongeveer een uur. Onderweg passeert u een klaterende waterval van ongeveer 25 meter hoog.
Pyrénées-Atlantique heeft voor elk wat wils. Van bijzonder chique tot heel gewoon en volks. Voor jet-setters tot natuurliefhebbers. Laat u hier bekoren.





