ma-deuxieme-vie

Alles over wonen en leven in Frankrijk
Alle informatie overzichtelijk & compleet

7 september – het kant van Alençon.

7 september – het kant van Alençon.

Alençon is de derde grootste stad van Basse-Normandie en gelegen in het uiterste zuiden van Orne. De stad telt ongeveer 30.000 inwoners. De bijnaam van de stad is “la Belle Endormie – de Schone Slaapster”. Alençon is vooral bekend geworden door haar naaldwerk – kant, dat hier al vanaf de 16de eeuw door duizenden kantwerksters wereldberoemd is gemaakt. Maar dat ging niet zonder slag of stoot.

Marthe Barbot was de vrouw van de chirurg Michel Mercier de la Perirère. Zij is de uitvindster van het kant van Alençon. In eerste instantie imiteerde zij het Venetiaanse kant, maar als snel was haar manier van werken veel verfijnder.

Zij breidde haar werkzaamheden uit en er ontstond een ware industrie. Haar eerste werknemers waren Hugenoten, die vanwege hun geloof nergens anders werk konden vinden. In 1665 telde haar bedrijf bijna 8.000 werknemers. Maar er was veel namaak en de concurrentie uit Venetië was moordend.

Op 7 september 1665 schreef de intendant van Alençon, Favier Duboulay, een brandbrief aan Jean-Baptiste Colbert. Deze Franse politicus was tijdens het bewind van Lodewijk XIV belast met de zorg van de koninklijke financiën. Daarnaast beheerde hij vrijwel alle andere regeringsdepartementen, zoals handel, marine, koloniën en kunst.

In zijn brief schreef Duboulay: “…Staat u mij alstublieft toe mijnheer… Sedert enige tijd wordt door een vrouw in Alençon ambachtelijk kant geproduceerd. Dit is inmiddels een ware industrie geworden. Hoewel zij vanuit Venetië de nodige oppositie ondervind als zou zij Venetiaans kant imiteren, is haar werk veel verfijnder maar ondervindt veel concurrentie. Toch heeft haar werk niets meer met buitenlandse imitatie te maken, het is veel verfijnder.

Sinds zij dit werk doet, is er geen sprake meer van hard werken door kleine meisjes. Het zijn ouderen die zij in dienst neemt en het fijne van haar kunst bijbrengt. Meer dan 8.000 mensen in Alençon, Argentan, Falaise en omliggende parochies hebben een goed leven dank zij haar werk en opleiding.

Zij is, met haar werk een zegen en als manna uit de hemel…”

De brief aan Colbert maakte indruk. In oktober werd een “manufecture royal” verleend. Alençon werd als enige verantwoordelijk gesteld voor de productie van Franse kant. Het bedrijf van Marthe de la Perirère werd tot hofleverancier verklaard. Mensen die door haar waren opgeleid en voor zichzelf begonnen te werken, werden hard aangepakt wegen clandestiene productie.

De ontwikkeling was daarna niet meer te stuiten en Alençon werd al snel de “koningin van de kant.”