ma-deuxieme-vie

Alles over wonen en leven in Frankrijk
Alle informatie overzichtelijk & compleet

10 augustus - Pont-Audemer ingenomen door Engeland.

10 augustus - Pont-Audemer ingenomen door Engeland.

Pont-Audemer is een kleine gemeente in Eure. Haar geschiedenis is enerverend. Voor die geschiedenis gaan we terug naar het jaar 911.

Bij het Verdrag van Saint-Clair-sur-Epte zag koning Karel III (de Simpele) als enige oplossing voor de rooftochten van de Vikingen, geen andere oplossing dan een deel van Frankrijk ter beschikking te stellen aan deze roversbende. De, in ruime zin, provincie Rouen werd geschonken aan Rollo, de latere Robert I, hertog van Normandië. Pont-Audemer, toen nog een gehucht, viel onder het gezag van Robert I.

Pont-Audemer lag midden in het hart van een regio waar de Scandinavische kolonisatie meer dan aanzienlijk was. Robert I was zich al snel bewust van het feit dat het hele gebied op zijn eentje besturen een onbegonnen zaak was. Daarom deelde hij zijn domein op in verschillende delen waarbij hij vertrouwelingen aan het hoofd stelde. De regio Pont-Audemer werd toegewezen aan de Deen Bernard.

Aanvankelijk was Pont-Audemer een onbetekenend gehucht. Qua belangrijkheid had het veel te lijden onder de aanwezigheid van het, op een paar kilometer verder gelegen Tourville. Bernard maakte van Pont-Audemer een stad waarmee hij levendigheid, economische groei en belangrijkheid wilde stimuleren.

Daarin slaagde hij. Het aantal inwoners verdriedubbelde en de bewoonde oppervlakte van de stad werd vier keer groter. In de periode 1034-1035 werden in de stad al grote jaarmarkten georganiseerd en in het midden van de 11de eeuw ontstond er via de rivier de Risle, zelfs een zeehaven.

Rond de jaren 1118 en 1120 werd Pont-Audemer een beursstad en in 1123 werd een kasteel gebouwd dat bewoond werd door de machtige familie Beaumont en dienst deed als zetel van het graafschap.

De stad bleef groeien en toonde steeds meer stadse trekken. Het was de zetel van de burggraaf, het hoofd van het kiesdistrict voor lokale overheden en de stad zelf werd verdeeld in vier parochies. De economische groei zette sterk door, waardoor vele ambachtslieden zich in de stad vestigden. Pont-Audemer was de belangrijkste producent van leer en, merkwaardig genoeg, in de 12de en 13de eeuw leefde hier de grootste joodse gemeenschap van Normandië.

De stad kwam in handen van koning Philip Augustus in jun 1204, door annexatie van het hertogdom Normandië . Hij installeerde hier het hoofdkwartier van een bailiwick. Met deze term werd een territoriale eenheid aangeduid. Deze was verantwoordelijk voor de administratie, zowel financieel als juridisch, van het district. Een baljuw werd belast met deze taak en was terzelfder tijd deurwaarder.

Lambert Cadoc, Lord van Gaillon, was een Welsh boogschutter die dienst deed onder Philip Augustus. Gedurende 20 jaar nam hij deel aan de oorlogen die de koning voerde. Opvallend was zijn tactisch inzicht tijdens de verovering van Normandië en de inname van het Château Gaillard in 1204. Voor zijn verdienste benoemde de koning hem tot baljuw van Pont-Audemer.

Cadoc voerde de druk op de inwoners van zijn baljuwschap steeds verder op. Hij vaardigde allerlei nieuwe wetten uit en de belastingdruk werd verdrievoudigd. Grote delen van de opbrengst verdwenen in zijn eigen zak. Een aantal vooraanstaande middenstanders verzamelden in 1220 bewijzen tegen Cadoc en overlegden deze in Parijs aan de Koning. Het resultaat was dat Cadoc uit zijn ambt werd ontzet en voor lange tijd achter de tralies verdween. Pont-Audemer kwam onder het rechtstreeks gezag van de baljuw van Rouen te staan.

De honderdjarige oorlog was desastreus voor de stad. De inwoners van Pont-Audemer verdedigden zich met hand en tand tegen de aanvallen van de Engelsen. Deze voerden 12 aanvallen uit op de stad, maar bij uitbraken van de verdedigers werden er zelfs 120 krijgsgevangenen gemaakt.

Maar de stadsmuren en het kasteel bleken te zwak om de voortdurende aanvallen te weerstaan. Op 10 augustus 1446 viel de stad in handen van de Engelsen. Wat zij aantroffen was een ware ruïne.

De oorlog eindigde een paar weken later tijdens de slag bij Formigny. Er werd een wapenstilstand gesloten bij het verdrag van Dunois.

Een tiental jaren later werd Pont-Audemer door koning Lodewijk XI voor haar heldhaftig verzet geprezen. Hoewel de inwoners al waren begonnen met het herstel, gaf de koning het bevel om alle herstelkosten aan wegen, paden en bestrating van de stad, voor rekening van Parijs te laten komen