ma-deuxieme-vie

Alles over wonen en leven in Frankrijk
Alle informatie overzichtelijk & compleet

12 mei – invallen van de Vikingen.

12 mei – invallen van de Vikingen.

De Vikingen zijn bij ons vooral bekend als plunderende krijgers. Door hun tijdgenoten werden ze de “plaag uit het noorden” genoemd. Toch is dit beeld niet helemaal volledig. Natuurlijk waren het krijgers die plunderden, verkrachtten en moorden. Maar het waren ook onverschrokken ontdekkingsreizigers, kolonisten, scheepsbouwers en handelaars. Daarbij kwam dat de Vikingen uit verschillende Scandinavische landen kwamen. De Vikingen die het gemunt hadden op de Franse kust kwamen uit Denemarken.

De veroveringstochten van de Vikingen kan met opdelen in twee perioden. Van 798 tot 840 ging het om plundertochten waarbij een gebied werd aangevallen en daarna snel weer verlaten werd. Vooral kloosters waren een gewild doelwit vanwege de vele kostbaarheden die daar te vinden waren. Vanaf 840 gingen de Vikingen meer gestructureerd te werk. Ze begonnen kampen in te richten en vestigden zich meer permanent. Eigenlijk kun je hier spreken van kolonisatie.

De Vikingen maakten hun eerste uitstapje naar het Frankische rijk in 789. Maar het duurde tot 820 voor ze een manier vonden om verder te raken dan de monding van de Seine. Vanaf 12 mei 841 lukte het wel om via de monding verder landinwaarts te trekken. Deze verandering in tactiek was vooral gebaseerd op het lichte gewicht van hun schepen en de geringe diepgang waardoor ze verder de rivier op konden varen. Daarnaast de mobiliteit van de Vikingen die al snel het gebruik van paarden inzagen, maar vooral hun sluwe onvoorspelbaarheid.

Het was meestal op feestdagen dat zij steden, dorpen en klooster overvielen, liefst op een tijdstip waarop iedereen een eredienst bijwoonde en de plaatsen niet verdedigd werden. Zij plunderden alles wat op hun pad kwam en branden daarna alles plat.

In de jaren die hierop volgden werden de Vikingen steeds driester. Ze voeren de rivieren de Schelde, de Maas, de Loire en de Gironde op: ook deden ze alle moeite op Parijs te bereiken, maar dit mislukte keer op keer.

Na hun rooftochten, die meestal in de zomermaanden plaats vonden, keerden ze terug naar het sombere Denemarken, beladen met goud, zilver en andere buit, hun landgenoten aansporend op een volgende tocht mee te gaan naar Frankrijk, een land van overvloed en bevolkt door lafaards.

De eerste winter op de Seine was de winter van 851 op 852 en zij begonnen nederzettingen te stichten. In het jaar daarop herhaalde dit zich en vooral het latere Rouen werd een heuse stad.

Dit was het voorspel van de mannen die zich later zouden gaan manifesteren als Noormannen.