ma-deuxieme-vie

Alles over wonen en leven in Frankrijk
Alle informatie overzichtelijk & compleet

16 april – Alexis de Tocqueville

16 april – Alexis de Tocqueville

Alexis-Charles-Henri Clérel, burggraaf van Tocqueville werd op 29 juli 1805 geboren in Verneuil-sur-Seine in het departement Yvelines. En redelijke stad met ca. 14.500 inwoners. Hij stamde uit een oude adellijke Normandische familie. Zijn familie had meegestreden in de slag om Hastings en had ten tijde van zijn geboorte ernstig te lijden onder de Franse revolutie. Zijn grootvader, die Lodewijk XVI verdedigde stierf onder de guillotine, net als een aantal van zijn ooms en tantes, neven en nichten. Samen met zijn ouders ontkwam hij aan dit lot door de val van Robespierre in 1794.

Voor Tocqueville was Napoleon, die de orde herstelde, een megalomaan parvenu. Vanwege zijn voorgeschiedenis leek hij voorbestemd tot gevangenschap. De liberale royalisten onder aanvoering van Pierre-Paul Royer Collard wilden de monarchisten verzoenen met de revolutionairen. Zij oefenden een grote invloed uit op de Tocqueville. Hij had al snel in de gaten dat, ondanks alles wat mis was gegaan, de democratie blijvend zou zijn.

Hem was ter ore gekomen dat in de Nieuwe Wereld een systeem van democratie was ontwikkeld dat goed werkte. Hij besloot daarom naar Amerika te reizen om te onderzoeken hoe deze vorm van democratie werkte en welke gevolgen dit had op de bevolking. Vanwege het feit dat hij rechten had gestudeerd en in 1827 was aangesteld als onderzoekrechter in Versailles maakten vooral de colleges van François Guizot diepe indruk op hem. Daardoor raakte hij geïnteresseerd in de politiek.

Frankrijk was op zoek naar een herziening van het gevangeniswezen. Daarbij stond het Amerikaanse model hen voor ogen. Tocqueville bood zich bij de minister van binnenlandse zaken aan om samen met zijn vriend Gustave de Beaumont de Amerikaanse manier van rechtspraak te gaan onderzoeken. Zij kregen een officieel mandaat, maar moesten de reis zelf bekostigen.

Op 2 april 1831 vertrokken ze uit le Havre om vervolgens negen maanden door Amerika te reizen. Ze bezochten archieven en bibliotheken. Ze hadden gesprekken met ambtenaren en hoogwaardigheidsbekleders, met zwarte slaven en opgejaagde indianenstammen. Ze waren te gast in dure salons en vervallen boshutten. Gustave was de man van de openhartige vragen, terwijl Alexis aantekeningen maakte in talloze schriftjes.

Na een klein jaar keerden ze terug naar Frankrijk. In 1833 publiceerden zij hun rapport: “Du système pénetentiaire aux Etats-Unis, et de son application en France”. Dit boek oogstte veel lof in Frankrijk, maar ook in de Verenigde Staten en Engeland.

In 1835 publiceerde Tocqueville zijn belangrijkste werk, “De la démocratie en Amérique.” In 1840 volgde een tweede deel. Hierin vergeleek hij het aristocratische, ongelijke en hiërarchische maatschappelijk bestel met de door gelijkheid gekenmerkte democratie.

Tocqueville was een bewonderaar van de democratie vanwege de maatschappelijke gelijkheid voor iedereen. Toch stond niet iedereen open voor de democratie. Veel vooraanstaande burgers stonden afwijzend tegenover het idee dat het volk zichzelf kon besturen. De Franse revolutie leek hun gelijk te bevestigen. Democratie was ontaard in anarchie en dictatuur. Och was Tocqueville zich bewust van een grote opkomst van de democratiseringsbeweging in Europa die hij als onvermijdelijk beschouwde.

Hij waarschuwde voor de schaduwkanten:

·        Vrijheid en gelijkheid staan op gespannen voet met elkaar. Een te grote vrijheid gaat ten koste van gelijkheid en andersom;

·        De tirannie van de meerderheid kan minderheden verdrukken waardoor die hun toevlucht zoeken in geweld;

·        De meerderheid kan hier ook het slachtoffer van worden door het neigen naar conformisme en individualisering.

Het idee dat democratie zich democratisch kan opheffen vindt haar oorsprong bij Tocqueville. Om een absoluut despotisme te voorkomen stelt Tocqueville maatregelen voor. Zo mag het bestuur niet volledig in handen van een overheid zijn. Het moet voor een deel worden uitgevoerd door tijdelijk gekozen bestuursambtenaren. Vereniging van burgers, persvrijheid en een onafhankelijke rechtspraak zijn van groot belang om te grote macht van de staat te voorkomen.

Op 2 maart 1839 werd Tocqueville gekozen als afgevaardigde voor het departement La Manche. Hij bleef tot 1852 actief in de landelijke politiek.

In 1841 werd hij verkozen als lid van de Académie Française. Op 27 januari 1848 waarschuwde hij als lid van het parlement voor de alarmerende leefomstandigheden van de arbeidersklasse. Hij voorzag de februari revolutie die een einde aan de Julimonarchie zou maken. “We slapen op een vulkaan”, riep hij uit.

De assemblee protesteerde even en dommelde weer in, tot een jaar later de bom barstte. Louis-Philippe trad af en vluchtte.

Een jaar later werd Tocqueville minister van binnenlandse zaken in de regering van Camille Odilon Barrot. Hij maakte grote bewaren tegen de staatsgreep van Lodewijk Napoleon. Als gevolg daarvan zat hij enige tijd gevangen. Daarna stapte hij uit de politiek. Hij schreef nog een aantal boeken waarin hij een bipolaire wereld voorspelde met Rusland en Amerika als dominante hoofdrolspelers. Ook stelde hij dat Amerika geen vrees hoefde te hebben voor revoluties, maar wel rekening moest houden met rassenstrijd.

Tocqueville overleed op 16 april in Cannes aan tuberculose. De wereld achterlatend met een rijke erfenis en een groot gedachtengoed.